Voor wat hoort wat. Voor mijn expositie, eind mei, loop ik nogal eens vast. Conflict in mijn hoofd. Wat wil ik laten zien? Waar gaat het over? Waarom maak ik? Hoe maak ik het? Hoe verhoud ik mij tot de expositie tekst? Zit ik er aan vast? Want het staat er zwart-op-wit, toch? Ben ik wel zo vrij als dat ik denk? Een vrij leven? Een vrije geest? Veel denken. Dus ik maak en ik maak. Dan komt er vanzelf iets. Maar toen waren mijn tweedehands zakdoekjes ineens opgebruikt. Ik was zo lekker aan het maken. Dan zou het vanzelf goedkomen. Want ik was aan het maken. Ik heb bij een aantal kringloopwinkels gekeken, niks. Gisteren bij mijn moeder in de kast mogen kijken. Daar koos ik er twee uit. Twee dunne witte tweedehands zakdoeken. Daar kon ik pissebedden op naaien, dat wat ik al maanden aan het doen was. Maar ik ben gestopt. Want ik ben door mijn voorraad heen. Ik ben nu een paar dagen gestopt. Een breuk in mijn ritme. Verstoring. Daar begon het weer. De molen in mijn hoofd.
Dus ging ik maar poetsen en op het strand wandelen. Beetje schelpen zoeken. Daar heb ik er inmiddels veel van. Terwijl ik dat nog nooit van mijn leven heb gedaan, schelpen verzamelen. Nu wel. En dan met name kapotte. Die grote blauwe schelpen die niemand voor mij opraapte. Ik ben namelijk niet een vroeg in de morgen type. Ik wandel ook meestal in de middag. Al de schelpen zijn dan al verzameld. Alleen de kapotte en imperfecte schelpen liggen er dan nog. Die neem ik dan mee. Precies goed eigenlijk. Want dus daarom.
Regels. Ben ik van de regels? Ik ben vrijheid. Verkeersregels en omgangsregels daar hou ik me graag aan. De rest lap ik graag aan mijn laars. Ik heb geen laars. Ook over regels denk ik de laatste tijd na. Mensen die in de duinen gaan zitten bijvoorbeeld. Mag hier niet. En van mij al zeker niet in het broedseizoen. Moet ik er persoonlijk iets van gaan zeggen? Nee. Laat het dan gewoon los. Maar nee, grom, grom, grommend loop ik over het strand. Dan nog iets. Ik ruim elke dag zwerfvuil op. Er ligt na storm best veel op het strand. Als iedereen twee items oppakt is het schoon. Ik neem me voor om niet alles te hoeven oppakken wat ik zie. Maar ergens is het voor wat hoort wat wat door mijn hoofd gaat. Als ik een mooie schelp wil vinden, dan moet ik al het zwerfvuil oprapen waar mijn oog op valt. Anders ben ik het niet waard. Dat dus.
Vanavond had ik weer fijn een online art journal workshop van Mariëtte Ciggaar. Ik ben al vier keer naar de expositie van Marit Törnqvist in museum Kranenburgh geweest en de laatste keer viel mijn oog op een kleurrijke tekening van een, ik denk, hofnar. Instant verliefd op die tekening. Vanavond was dat de inspiratie voor de tekeningen die ik maakte.
dinsdag 7 april 2026
Worsteling in mijn hoofd
Labels:
callantsoog,
dubbel,
expositie,
imperfect,
Kranenburgh,
kringloop,
recycle,
Strand,
tekening,
wit,
work in progress,
zee


