Vanmiddag was ik bij de jubileum voorstelling van de Neven. Jos van Venrooij heeft naast dat hij huisvader is veel neven activiteiten. Waaronder liedjes schrijven en zingen. We gingen samen als schoolreis ouders naar Uffelte. Het was september 2007. Even twee foto's uit het fotoboek toegevoegd. Ik maakte tijdens de schoolreis een video-verslag. En iedereen ging verkleed. Ik droeg niet zomaar een witte jurk, ik was een wit wief. In Uffelte ontstond een band tussen Maarten en Jos. Ook tussen Jos en mij. We hebben zelfs een heel jaar elke woensdag gewerkt aan animatiefilmpjes onder de naam Poëzinema. Dat was een bijzondere samenwerking. Jos kan dat goed, samenwerkingen opzoeken en warm houden. Zo ook met Maarten Overtoom.
Tijdens de bonte avond op die eerste schoolreis van ons deden de ouders ook een optreden. Een lied van Jos. Een soort van vrouwen tegen de mannen optreden. Uit boosheid, anders willen zijn en anders willen doen was ik kamp man. Mijn verzet tegen het aanrecht.
In een vol Scagon theater, van Markt 18 Schagen, vierden de Neven hun meerderjarigheid. Liedjes over tijd, liefde, kinderen, geluk, verlies en hoe erg het is om ongelukkig te zijn. Laat ik het daar mee oneens zijn. Dat iedereen geluk zoekt. Nee, ik niet. Eigenlijk hang ik er altijd wel lekker in, in dat imperfectie, dat miserabele gevoel van niets kunnen en alles kwijtraken. Alles en iedereen stom vinden. De blues horen, en de blues in me kwam op. Blauw, en dat terwijl ik zo lekker in een rode periode zit. De garen die ik gebruik zijn rood en de inhaal online art journal workshop van Mariëtte Ciggaar deed ik ook in het rood. Rood van rauw vlees. Al was het vlees van de dode aangespoelde bruinvis, vanmorgen, niet rood. Ook niet bruin. Het was wit. Het leven in mijn hoofd is een toverbal. Wat muziek toch met je stemming kan doen.



