dinsdag 24 maart 2026

Vingerverf en veertien poten

Nog altijd ben ik oprolpissebedden aan het maken voor de expositie in consistorie Grote Kerk Alkmaar. Mijn installatie die ik speciaal voor de ruimte maak is in ontwikkeling. Het groeit onder mijn handen. Ik verzamel al jaren tweedehands textiel. Wit textiel. Waaronder gebruikte servetten en zakdoekjes. Wit, dat is wat mij aantrekt. Het liefst met geborduurde initialen erop, en dan ook nog graag op een onhandig geborduurde manier. Dat persoonlijke en verborgen verhaal achter die initialen. Of met vlek. Ja, ook daar kies ik het tweedehands textiel op uit. Vlekken als bewijs voor verhalen en gebeurtenissen.
De oprolpissebedden, die ik op het oude textiel naai, hebben een andere aantrekkingskracht. De vorm, de herhaling van vorm, een perfecte bal, het exoskelet, hun uitwendige skelet. De vorm die ik nu al tientallen keren heb genaaid en nog steeds wil ik er meer maken.
Van Mars leerde ik dat pissebedden kieuwen hebben. Ik ben er over gaan lezen. Ik had er al veel over gelezen. Maar dat stuk van kieuwen, daar schrijft niet iedereen over. Tenminste niet de stukken die ik las. Nu specifiek gezocht op de kieuwen van oprolpissebedden. Ik bleef een tijdje, op verschillende pagina's, lezen. Leerde meer over oprolpissebedden. Pissebedden zijn belangrijk voor het ecologisch systeem, de kringloop van het leven. Ze hebben bij geboorte twaalf poten, na vervellen veertien en sommige soorten pisssebedden kunnen zich zonder man voortplanten. Het is een interessante voorbereiding van mijn ruimte gebonden installatie.
's Avonds weer een fijne online art journal workshop van Mariëtte Ciggaar. We kregen onder andere de opdracht om te vingerverven. Alleen al het woord maakt een geweldig enthousiasme in mij los.